fbpx

Column Charlotte Beumer - juni 2020

Het Nieuwe Normaal
(en wtf is dat eigenlijk)

Het woord ‘normaal’ is, sinds een maand of drie, aan een enorme inflatie onderhevig. Bill Gates, 5G, een vleermuis, aliens, een vlucht regenwulpen, hoe dan ook, er kwam een virus en dat virus legde eigenhandig heel de wereld stil. Alles ging dicht, weg of op slot. Zo hup, boem, cold turkey.

Eigen versie

Waar de een zich de pleuris verveelde, kreeg de ander het juist retedruk. Waar de een zichzelf elke nacht hooguit in een onrustige halfslaap wist te piekeren, startte de ander een nieuwe business. En waar de een weggleed in een depressie, kikkerde de ander er juist enorm van op.
Extraverten bleken prima te gedijen zonder al dat opgelegde sociale ‘moeten’, en introverten bleken toch meer ‘outgoing’ dan ze dachten.
Kortom, er voltrokken zich wonderlijke processen. En iedereen had z’n eigen versie, z’n eigen perceptie, van een-en-dezelfde wereld.

Zo ook ik

Kijk, bepaalde dingen zag ik dus echt niet aankomen. Dat ik van kleuren houd, bijvoorbeeld. Gewoon, lekker zen, met een kleurplaat en potloden. Omdat dat, kennelijk, het dichtst bij de ‘uitstand’ is dat mijn ratelende, al skippyballend-verbanden-leggende brein kan komen, in wakende toestand althans.

Fysiek contact

Andere dingen lagen dan weer totaal in de lijn de verwachting.
Ik hou van (een zorgvuldig geselecteerd aantal) mensen, dus ik miste het fysieke contact.
Ik ben een knuffelaar, dus ik miste het fysieke contact.
Ik ben een kravista, dus ik miste het fysieke contact.

Snuffelen, maar niet proeven

Ik mis het ik mis het ik mis het, tot tranen toe. Zelfs al heb ik Jean-Claude Saque, mijn bokszak, die trouw hangt te wachten tot ik hem, gewapend met mijn roze bokshandschoenen, weer kom bepotelen.
Ik woonde de zoom-lessen Krav Maga bij en zag mijn maatjes in de kleine vakjes op mijn scherm. Iedereen doet z’n best en echt, hulde aan de trainers. Maar voor mij is het net alsof ik alleen mag snuffelen aan mijn reep chocola, maar niet mag proeven.

Focus

Aan de andere kant ben ik me maar al te zeer bewust van deze rekensom:
Missen = focus hebben op gebrek.
En ergens focus op hebben = meer creëren daarvan.
Dus focus hebben op missen = een groter gevoel van gemis ervaren.

Mijn focus moest dus, kortom, ergens anders op. Namelijk, op het ‘Wat kan er wél?’

Vaste kaders

Er ontstond een soort Normaal, met vaste, strikte kaders. Alles is dicht. Wereldwijd kon er gewoon níemand naar buiten/opa&oma/de sportschool/het park/de kapper. We wisselden onze lievelingsdingen om voor uitdagingen, zoals homeschoolen/veel alleen zijn/superveel werken/juist zonder werk komen te zitten.
Dat is balen, maar wél zo eerlijk en vooral: lekker duidelijk. En daar houden wij mensen van, duidelijkheid.
Duidelijkheid verenigt. Want we konden allemáál niet met onze lievelingsdingen in de weer. En dat scheelt. Gedeelde smart is immers halve smart.

Vaag

Toen ontstond er een ander soort Normaal, een normaal waarin de kaders vervaagden. Dít kon niet meer, dít kon weer wel, dát kon, soort van, weer wel maar dan een beetje, en dát kon voor die-en-die (nog) niet en voor die-en-die juist (weer) wel.
En dat vinden wij mensen maar lastig, vaagheid.
Vaagheid verdeelt. Dus er ontstonden weer groepen. Voor- en tegenstanders.
En daarmee meningen en oordelen.

Appjes en persiflages

Heel veel beroepen bleken niet ‘vitaal’. Kantoortuinen kunnen eigenlijk wel dicht, want thuiswerken werkt eigenlijk best goed.
De stroom hilarische appjes en persiflages op liedjes en filmpjes droogde in rap tempo op, net zoals mijn begripvolle zen-glimlach die, bij wijze van een soort Pavlov-reactie, steevast postvatte op mijn smoelwerk zodra ik de supermarkt in liep.
Nee hoor, gaat u maar voor.
U kunt er wel langs hoor, komt u maar, ik maak gewoon even plaats.
Oh u wilde naar rechts? Dat komt mooi uit, ik ging juist linksaf! Gezellig! We maken er een lekker gek feestje van! Haha!

Gedoe

Binnen dat vage Normaal is het dus zoeken geblazen naar hoe we dat Normaal dan weer gaan vormgeven. Want, laten we eerlijk zijn: het ‘leuke’, het ‘nieuwe’, dat is er inmiddels wel een beetje af. En nu wordt het gedoe.
Het wordt gedoe, dat je voor een klein køtboodschapje een heel winkelwagentje moet meenemen.
Het wordt gedoe, dat geduld opbrengen voor die iemand voor jou in de rij die z’n flesje sanitaire spray niet snel genoeg open krijgt.
Het wordt gedoe, die hele anderhalve meter afstand.
Het wordt gedoe, zo’n mondkapje in de bus of trein, omdat je ik-ben-een-superheld-fantasie gewoon niet standhoudt.

Klaar mee

We hebben er geen zin meer in. We zijn er klaar mee. We kúnnen weer naar de Efteling, dus we gáán weer naar de Efteling. En dat bleek wel uit de dertigduizend mensen in de digitale wachtrij, toen de dag van opening in zicht kwam.
Want; alles leuk en aardig, maar als puntje bij paaltje komt leveren we ons comfort toch ook weer niet zó graag in. En daar vinden andere mensen, die zich wel aan de rigide regels vasthouden als aan een reddingsboei gemaakt van kaders, dan weer wat van.

Licht ontvlambaar

Regels vervagen, dus we weten het allemaal niet meer zo goed. Er is niet langer sprake van logica, van een enkele geldende standaard, dus gaan we zelf onze eigen standaard maken. En zo worden mensen onzeker. Licht ontvlambaar. En soms zelfs ronduit agressief.
Ik bedoel: wordt er nou wel geknuffeld of wordt er nou niet geknuffeld? Mag je nou wel of juist niet even langs iemand reiken voor je bakje Griekse yoghurt?
Waar de een als vanouds door de winkel dartelt, draagt de ander een mondkapje en van die enge handschoentjes.
Sommige mensen berusten nog altijd in de regels. Anderen vinden die regels juist onzin en flikkeren de hele bliksemse boel uit het raam.
Joe!

Stroef

Waar mensen ‘normaalgesproken’ min of meer organisch langs elkaar heen bewegen verloopt alles nu juist stroef, zeg maar; alsof je zwetend je nog lichtvochtige 4-jarige na de zwemles weer in dat strakke maillotje moet hijsen.
Want je kan aan de neus van iemand anders niet zien welke standaard hij erop nahoudt. Hij kan dat op zijn beurt weer niet bij jou.
En dus doen we allemaal maar wat, want we hebben allemaal onze verhalen en percepties.

Het verhaal van A. en B.

Vorige week was ik er in mijn lokale Appie getuige van hoe de ene meneer (A.) de andere meneer (B.) bijna de hersens insloeg, omdat B. geen winkelwagen bij zich zou hebben.
B. wierp tegen dat hij wel degelijk een wagentje had, kijk maar, wees hij, daar staat het, net om de hoek, maar ik moest alleen even, daar, een doosje eiere-

Zijn verhaal werd daarop bruut onderbroken door A., want B. had dat wagentje niet zomaar aan de kant mogen zetten, want dat wagentje was er toch voor de AFSTAND, zijn leven EN dat van anderen in de waagschaal stellen voor een doos eieren, hoe dúrfde hij, en A. ging steeds harder praten, en toen schreeuwen, en toen schreeuwde hij dat B. ZIJN WAGENTJE BIJ ZICH MOEST HOUDEN EN DAT HIJ ANDERS MAAR EENS BIJ A. OP DE INTENSIVE CARE MOEST KOMEN KIJKEN!!

Moment Suprême

Ik, kravista in hart en nieren, stond natuurlijk handenwringend en met opgewonden kloppend hart te wachten op Het Moment Suprême, op De Klap Die Je Wist Dat Zou Komen, op die ene seconde dat alles samenkomt, die tel waar je al die jaren voor getraind hebt. Maar helaas; tot een ‘third party protection’ kwam het niet.

Zo jammer

B. koos namelijk eieren voor zijn geld en liep zachtjes mompelend weg, A. met een pulserende voorhoofdsader achterlatend.
Ik weet nog dat ik dacht dat het maar een goede zaak was dat A. kennelijk connecties op de IC had, want als je je de hele dag zo boos loopt te maken dan bezwijk je volgens mij nog eerder aan hartfalen dan aan dat hele corona.
Een tikje (lees; enorm) teleurgesteld over mijn door redelijkheid in de kiem gesmoorde crisisinterventie (stomme, verstandige B., pruil) droop ik ook maar af.
Jammer dit. Zo jammer.

Anyway.

Bring it on

Zo richten we ons langzaam maar zeker op een nieuwe samenleving na de lockdown. Op een nieuw normaal. Een normaal waarmee we het, hopelijk, allemaal zo’n beetje eens kunnen zijn.
Een Normaal waarin degenen die dat willen (ik! ik!) weer onbeperkt iedereen kunnen knuffelen. Waarin we de groene hel weer in mogen. Waarin we weer mogen proeven van onze chocola, in plaats van alleen maar snuffelen.

Dat gaat misschien niet helemaal zonder slag of stoot. Maar áls er slagen of stoten worden uitgedeeld, bring it on.
Want dan ben ik er klaar voor.

Aanmelden nieuwsbrief


Onze locaties

Haarlem

Gonnetstraat 7
2011 KA Haarlem

Alphen aan den Rijn

Zwembad Aquarijn
Cantharel 10
2403 RA Alphen a/d Rijn

Officieel lid van:

Copyright © Trainingscentrum Helena
Volg ons